Blog

Van Materialenpaspoort naar Gebouwpaspoort… En het Productpaspoort dan?

Auteur: Marijn Emanuel, Madaster

Terwijl ik deze week in de auto reed, terugkomend van een aannemer die met Madaster gaat beginnen, hoorde ik op de radio de BNR verslaggever tegen zijn gast zeggen: “… O ja, dus zoals de bouw het Madaster heeft…”

Het begon voor Madaster allemaal met het boek ‘Material Matters’ van Thomas Rau en Sabine Oberhuber, waarin de transitie naar een nieuw economisch model omschreven wordt. Een model waar verantwoordelijkheid wordt genomen voor grondstoffen en materialen die in een gebouw of product verwerkt zijn. Zodat ze niet eindigen als afval. Door materialen te documenteren middels een paspoort en een identiteit te geven, kan dit voorkomen worden. Het idee voor een kadaster voor materialen in de gebouwde omgeving was geboren en op 29 september 2017 werd het Madaster platform gelanceerd. Een platform waar iedereen zijn eigen Materialen Paspoort zelf kan maken, goedkoop en eenvoudig. 

Madaster startte met een zogenaamd ‘Minimal Viable Product’, waar nog veel aan verbeterd moest worden. Belangrijkste was dat er een begin werd gemaakt! Vele bedrijven en organisaties, de zogenaamde Kennedy’s, steunden Madaster hierin en binnen no time stond al meer dan 1.000.000 m2 vastgoed geregistreerd in het Madaster platform.

Velen zagen de noodzaak van een materialenpaspoort als middel om de circulaire bouweconomie te versnellen en probeerden ook de overheid hierin mee te nemen. Zo noemde een transitieteam onder leiding van Elphi Nelissen begin 2018 in de Transitieagenda Circulaire Bouweconomie materialenpaspoorten als maatregel om toe te passen en stelde voor om uiterlijk in 2020 een besluit te nemen over de verplichting hiertoe.  Volgens de Agenda moeten overheidspartijen op alle schaalniveaus het voortouw nemen in de toepassing van materialenpaspoorten en rekening houden met reeds bestaande initiatieven zoals Madaster en BAMB 2020. Al snel werd hier gevolg aan gegeven door Rijkswaterstaat, Rijksvastgoedbedrijf, De Bouwcampus en NEN met de lancering van Platform CB’23. Een platform met als doel circulaire ambities met elkaar te verbinden en nationale bouwsector-brede afspraken op te stellen. Onderdeel van Platform CB’23 is om tot een eenduidige methodiek en format te komen waarmee materialenpaspoorten kunnen worden samengesteld. Hierin wordt ondermeer onderscheidt gemaakt tussen “Materiaalpaspoorten, Productpaspoorten en Gebouwpaspoorten”, die de informatie over respectievelijk het materiaal, het product en het gebouw bevatten. Madaster heeft binnen het actieteam Paspoorten voor de bouw een bijdrage mogen leveren aan de Leidraad Paspoorten voor de Bouw 1.0. Het is mooi om te zien dat de basis van onze Circulaire Index terug te vinden is in de kernmethode Meten van Circulariteit. Echter, we zijn er nog niet en daarom werken we ook aan versie 2.0 om de adoptie van materialenpaspoorten richting 2020 te ondersteunen.

De overheid besloot begin 2019 het gebruik van materialenpaspoorten te stimuleren en te bevorderen met een belastingvoordeel. Via de Milieu-investeringsaftrek (MIA) en de Willekeurige afschrijving milieu-investeringen (Vamil) kunnen ondernemers profiteren van een investeringsaftrek die kan oplopen tot maar liefst 75%.  Als voorwaarde is gesteld dat het concept van een materialenpaspoort is geregistreerd in een online platform zoals bij Madaster het geval is. Om aan de huidige en toekomstige eisen te kunnen blijven voldoen wordt het Madaster platform doorlopend ontwikkeld. Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) heeft ervoor gekozen om deze ontwikkeling langs de lijn van de praktijkervaring te laten lopen, wat één op één aansluit op de ontwikkeling van het Madaster platform. 

Al deze ontwikkelingen om een duurzame omgang met bouwmaterialen te stimuleren, hebben er mede toe geleidt dat de Dutch Green Building Council voornemens is om vanaf 2020 credits toe te kennen in de BREEAM beoordelingsmethode, aan de registratie van materialen en producten via een materiaal-, en gebouwpaspoort. Concreet betekent dit dat het registreren van de materialen in een gebouwpaspoort een hogere score oplevert voor het gebouw en een voorwaarde wordt voor het behalen van de hoogste score.  Is BREEAM Outstanding de ambitie? Registreer dan je gebouw in Madaster!

Onder al deze sturende maatregelen ligt het proces van digitalisering in de bouw. Als je door bovenstaande maatregelen en voorstellen heen kijkt, dan wordt één ding heel duidelijk: de toenemende data-economie. Data, en daarop voortbouwend de kenniseconomie, die onlosmakelijk verbonden is met de circulaire economie. Weten wat je hebt zodat het niet verloren gaat.  Opschrijven in plaats van afschrijven. Daar is Madaster twee jaar geleden mee begonnen. Het stelt met name eisen aan de governance van al die data en informatie, iets wat Madaster zich vanaf het begin heeft gerealiseerd en het toezicht vanuit de Madaster Foundation verklaart.

Maar in het opschrijven van informatie wringt ook de schoen. Het registreren van gebouwen middels een Gebouwpaspoort gebeurt pas aan het einde van het proces zoals dat in onze lineaire bouweconomie nu gangbaar is. De data, de informatie ontstaat echter helemaal aan het begin van het proces, daar waar de materialen worden gemaakt, daar waar van die materialen producten worden gemaakt. De toegankelijkheid van die data in zogenaamde Productpaspoorten, de noodzakelijke transparantie en de laagdrempelige, liefst centrale, beschikbaarheid daarvan, verdienen meer aandacht voor het aanmaken van goede Gebouwpaspoorten. De realiteit is ook dat Nederland een open economie is: de meeste van onze spullen komen uit andere landen, met andere regels en andere inzichten. Zowel oorzaken als oplossingen kennen dus grensoverschrijdende afspraken, - of het ontbreken daaraan.

Dit stelt eisen aan deze Productpaspoorten en vereist bijvoorbeeld een goede Nationale Milieudatabase (NMD) of andere materialen-, en productdatabases, die op hun beurt weer de internationale standaarden volgen. Het geeft ook richting aan de uitvraag voor informatie en de ontwikkeling van de diverse “BIM-ILS’en”, waar het BIM Loket nu goed mee bezig is. Dit principe moet zich vertalen naar een “Basis-ILS voor producten”, waarin de te leveren informatie over productsamenstelling (wat en hoe) en aspecten zoals veiligheid en gezondheid inzichtelijk zijn. Weten wat je hebt moet net zo belangrijk worden als weten wat je eet… Materialen, producten, gebouwen: gezondheid is niet alleen een persoonlijk, fysiek belang, maar zeker een maatschappelijk, algemeen belang.

Madaster biedt nu ruim twee jaar een antwoord op diverse eisen en vragen die circulair bouwen stelt.  Het “idee” Materialenpaspoorten, een Paspoort voor de Bouw, is in 2019 definitief geland, zelfs in de media en in toenemende mate verankerd in de regelgeving, in de verdienmodellen en in de praktijk van alledag. In 2020 gaat de overheid bepalen in welke gevallen een dergelijke systematiek verplicht wordt. Als dan ook de contouren zichtbaar worden van een breed gedragen Product-paspoort, met de borging van toegankelijkheid daarvan en de juiste governance… Dan zal het nu gelande idee van Paspoorten voor de Bouw pas echt gaan vliegen!