Blog

Is de bouwsector klaar voor de technologie van de circulaire economie?

Auteur: Pablo van den Bosch, Board Member Madaster Foundation

Beurzen, tijdschriften, blogs, LinkedIn, seminars… als bouwprofessional kom je er niet meer omheen, circulariteit heeft de volle aandacht van de bouwsector. Nieuwe concepten staan op de To-do lijsten van aannemers, ontwerpteams en ontwikkelaars: losmaakbaarheid, rapid renewability, materialenpaspoorten en materials-as-a-service. Maar is de bouwsector eigenlijk wel klaar voor deze transitie en sluit die circulaire economie met haar fancy technologie aan op de werkwijze van de sector?

De transitie naar een circulaire economie is een must voor onze maatschappij en slimme professionals weten veranderingen optimaal toe te passen. Maar transitie staat niet garant voor een smooth ride. Om maar wat clichés te noemen: het zal wringen, schuren en irriteren, sommige inspanningen leiden tot niets, nieuwe afslagen moeten worden genomen, pivots gemaakt. En disruptors zullen de markt doen verbazen met hun onverwacht snel gegroeide rol in een sector zo oud als onze maatschappij. 

Innoveren is kalibreren & samenwerken

Het eerste prototype komt zelden op de markt en verfijning en afstemming na die eerste oplevering is dan ook onvermijdelijk. Dat geldt voor nieuwe technologie, maar natuurlijk ook voor de samenwerking tussen betrokkenen. Daarbij kenmerkt de bouwsector zich door een enorm netwerk van betrokken spelers, die ook nog eens allemaal op verschillende momenten gedurende een hele lange periode met elkaar samenwerken. Dat vraagt om heel veel gewenning en kalibratie, met een gezonde stimulans van trial & error door de frontrunners, maar zonder standaardisatie & zekerstelling uit het oog te verliezen. Samen aan de slag is dan ook het devies.

Balanceren met lef

De bouwsector omarmt steeds nadrukkelijker de principes en mogelijkheden die de circulaire economie biedt. De basis hiervoor wordt gelegd in het weten waar je mee bouwt (“materiaal zonder identiteit is afval”), rekening houdend met de herkomst en toekomst van materialen (de impact analyse van de levenscyclus, ofwel LCA) en digitale vastlegging van toegepaste constructies, materialen en producten (in Building Information Models en Materiaalpaspoorten). 
Maar hoe ver ga je hier nu in? Is de situatie zwart-wit (100% of niet), geldt het pareto principe (de 80/20 regel) of moeten we de transitie de tijd gunnen en is “meedoen” belangrijker dan “winnen”? Zorg vooral dat streven naar ‘het beste’ niet de ‘vijand van het goede’ wordt. We weten nu eenmaal dat we nog niet uitontwikkeld zijn, sterker nog we staan aan het begin van de ontwikkeling. En daarbij is het een feit is dat er geen zekerheid te bieden is. Er is dan ook behoefte aan lef om nieuwe technieken en concepten toe te passen, wetende dat nog geen sprake is van beproefde methoden.

Madaster praktijkvoorbeeld 1

Thomas Rau heeft het over “opschrijven in plaats van afschrijven”. Het Madaster platform gaat uit van het gebruik van BIM. Maar BIM-modellen worden lang niet altijd gebruikt om alle eigenschappen van constructies, materialen en producten vast te leggen. En de mate van detail (Level Of Detail) in BIM-modellen verschilt nogal in de praktijk vanwege de tijdsinvestering om te documenteren. Momenteel gaat het platform uit van volledige en gedetailleerde registratie van het object. Maar dit sluit onvoldoende aan op de realiteit. Madaster werkt daarom aan de invoering van meerdere ‘levels’.

Heb je veel informatie beschikbaar, dan kies je voor een hoog niveau van registratie. Is je informatie beperkt, bijvoorbeeld omdat sprake is van bestaande bouw, omdat nog sprake is van de ontwerpfase waar nog vele beslissingen moeten worden genomen of omdat je nu eenmaal beperkte tijd of middelen hebt om te registreren, dan kies je voor een lager niveau. Beide keuzes zijn goed en de gebruiker weet op voorhand welk detailniveau hij of zij kan verwachten.

Strategische keuzes en veel vragen rondom data

Natuurlijk is acceptatie en gebruik van BIM een cruciale factor in de digitaliseringsslag van de bouw, maar ook robotisering en sensoring zijn niet meer weg te denken. Die digitalisering vergt en genereert enorme hoeveelheden data en koppelingen tussen databronnen. Het netwerk dat daarmee ontstaat groeit snel, vergt goed toezicht en vereist vele strategische keuzes. Gaan we data over en weer kopiëren, willen we afhankelijk zijn van anderen, waar zitten commerciële belangen en hoe zit het met privacy en security? Dit zijn pittige vragen en de noodzaak om keuzes te maken komt steeds explicieter aan de orde. Bijvoorbeeld in het beantwoorden van uitvragen waarin de opdrachtgevers helderheid willen over de registratie in digital twins, materialenpaspoorten en het eigenaarschap van materialen aan het einde van de (gebouw)levensduur. Een goede ontwikkeling! 

Madaster kiest expliciet

Madaster is net zo verkennend als de bouwsector. De enorme ontwikkeling van het netwerk van data, platforms en applicaties gaat razendsnel, maar het automatisch koppelen van een BIM-model aan verschillende productdatabases blijkt in de praktijk toch uitdagend. Naast de uitdaging om de inhoudelijke ontwikkelingen om te zetten in concrete waarde voor de sector en transitie naar de circulaire economie, heeft Madaster expliciet gekozen voor een positie om een databron voor de hele sector te zijn. Een bron waar data in bewaard kan worden, maar waar koppeling (LinkedData) ook een optie is. Een bron met strikte regels over privacy en security en eigenaarschap van het databankrecht (het recht om nieuwe data te genereren met algoritmes) bij de not-for-profit foundation. Een bron waar individuele (object)data van de gebruiker ook van de individuele gebouw- of objecteigenaar is en blijft. Alleen de eigenaar kan data aan anderen beschikbaar stellen. Maar generieke data die niet tot een individuele eigenaar is te herleiden komt zal voor iedereen beschikbaar komen. Madaster is daarbij een initiatief dat een positieve verandering teweeg wil brengen door gewoonweg te beginnen en te doen en de dialoog op te zoeken met de markt. Deze expliciete keuze wekt vragen op, zeker als de digitaliseringsslag nog in volle ontwikkeling is en functionaliteit vaak vooruitloopt op de dagelijkse praktijk. Die vragen zijn precies wat Madaster wil: een open dialoog over de noodzakelijke ontwikkeling van de sector om met digitalisering de transitie naar een circulaire economie te faciliteren.

Klaar voor de toekomst?

Natuurlijk is de bouw klaar voor de toekomst. Sterker nog, de bouwsector kan de broodnodige transitie naar de circulaire economie een positief zetje geven, dat is pas klaar voor de toekomst! Dit vergt wel lef en omarming van onzekerheid, want we zijn pas net gestart met het ontdekken van de (on)mogelijkheden van digitalisering. 

Observaties in de digitale transitie van de bouw

  •     Stimuleer trial & error en verlies standaardisatie & zekerstelling niet uit het oog
  •    Aanhaken met lef is belangrijker dan streven naar perfectie
  •    Zorg met innovatieve toepassingen voor aansluiting bij verschillende niveaus van ambitie en haalbaarheid
  •    Strategische keuzes over data en digitalisering zijn een must
  •    Een open dialoog versterkt de innovatieve slagkracht van de sector